In afwachting van ons eerste contact dwalen we verder door de stad. Ravall, de grauwe stadswijk, blijkt er nog steeds te zijn. Drugverslaafden, illegale tippelaarsters en kleine bedelaars maken het straatbeeld uit en worden gekruist door toeristen op weg naar hun goedkope hotel. Er is een grotere aanwezigheid dan ik mij herinner. Het is er niet beter op geworden.


Een oude jeugdvriendin wil ons ’s avonds verder helpen. Clara Ribeira is een Portugese met Catalaanse moeder en beide trotse tradities zitten diep in haar bloed. De moeder wil voor ons zingen in het Catalaans én Portugees. Twee vliegen in één klap. Ze is nerveus en zingt zacht. Lied na lied, telkens sterker wordend. Eén lied zingt ze beduidend sterker en na afloop zegt de dochter plots ‘Hey, dat zong je voor mij vroeger, ik herken het!’. We zijn blij. We made a point. Slaapliederen blijven hangen, bewust én onbewust. Ook Clara is duidelijk verbaasd over deze ontdekking. Het volgende lied blijkt de melodie te zijn van ‘twinkle twinkle little star’ of ‘altijd is kortjakje ziek…’. Duidelijk wijd verspreid in Europa.
Het laatste lied wordt aangezet en voor we het weten kunnen we meeneuriën. Het blijkt ‘slaap kindje slaap’ te zijn….met Catalaanse tekst. Yesss!!! De tweede maal reeds. De eerste keer was hier geografisch niet zo heel ver van, in Slovenië. We wisten dat het in Spanje te vinden was in het Castillaans, maar nu blijkbaar ook in het Catalaans. We zijn blij en besluiten deze overwinning met Ribera del duero en Pata negra.